Menu

Euthanasie

In Nederland is euthanasie, net als hulp bij zelfdoding, toegestaan als aan alle zorgvuldigheidseisen is voldaan. Er moet sprake zijn van een ernstig ziektebeeld waarvoor geen genezing mogelijk is. Degene die om euthanasie vraagt, moet geestelijk gezond zijn. Zijn euthanasiewens moet oprecht en invoelbaar zijn. Verder is het belangrijk om de juiste procedure te volgen.  

 

 

De euthanaserend arts waarschuwt de forensisch arts. Deze onderzoekt namens de officier van justitie het overlijden, zodat het lichaam vrijgegeven kan worden. Ook verzamelt de GGD-arts informatie voor de regionale toetsingscommissie. Deze commissie bepaalt of de euthanasie volgens de regels is verlopen.

 

Het onderzoek

De forensisch arts verzamelt verschilende documenten:

 

  • de wilsbeschikking van de overledene
  • verslag van de euthanaserend arts over ziektebeeld, euthanasiewens en uitvoering
  • het verslag van een geconsulteerd SCEN-arts (tweede arts)
  • eventueel verdere documentatie over het ziektebeeld

 

Ook doet de forensisch arts een lijkschouw en voert hij een gesprek met de nabestaanden.