De Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Zeeland is de gezondheidsdienst voor alle dertien gemeenten in Zeeland.

De GGD bewaakt, beschermt en bevordert de gezondheid van de Zeeuwse bevolking.

Op deze site treft u informatie aan hoe wij dit doen en voor welke zaken u bij ons terecht kunt. Neem gerust contact met ons op wanneer u vragen heeft!

Veilig zwemmen

In de zomer zoeken we bij zomerse temperaturen graag de verkoeling op, bijvoorbeeld door lekker buiten te zwemmen. Maar let op: zwemmen in oppervlaktewater kan ook risico's voor uw gezondheid met zich meebrengen. Daarom hieronder een aantal tips om veilig in het water te gaan en er ook weer gezond uit te komen.

Veilig zwemwater

Bij aanhoudende warmte kan de zwemwaterkwaliteit her en der sterk teruglopen door de aanwezigheid van verschillende ziekteverwekkers. Zwemmers lopen dan een verhoogd risico om ziek te worden.
Dit risico doet  zich natuurlijk niet of nauwelijks voor in zwembaden. Maar als u echter in natuurwater wilt zwemmen, doe dat dan in door de provincie Zeeland gecontroleerd oppervlaktewater. Op de website van de provincie Zeeland staat informatie over de zwemwaterkwaliteit van het zwemwater in Zeeland.  

Bij twijfel kunt u ook contact opnemen de provincie (in de zomer via de provinciale zwemwatertelefoon: 0118 63 17 00 of per e-mail: zwemwater@zeeland.nl) of met de afdeling milieuzaken van uw gemeente.

Gezondheidsklachten
Na het zwemmen in verontreinigd water kunnen gezondheidsklachten ontstaan zoals: misselijkheid, braken, diarree, huidirritaties, wonden en oog- en oorklachten.

Wanneer u klachten krijgt na het zwemmen, adviseren wij u eerst contact op te nemen met uw huisarts. De GGD heeft alle huisartsen gevraagd om bij een verdenking van een ziekte in relatie tot het zwemmen in oppervlaktewater contact op te nemen met de GGD Zeeland. U kunt dit natuurlijk ook zelf melden bij de GGD.

Na een melding onderzoekt de GGD een mogelijke relatie tussen de kwaliteit van het oppervlaktewater en de ervaren gezondheidsklachten en vindt overleg plaats met de gemeenten en de Provincie over mogelijke oorzaken van gezondheidsklachten en de maatregelen die moeten worden genomen, zoals het plaatsen van informatieborden of het instellen van een zwemverbod.

Tips

  • Informeer van tevoren naar de kwaliteit van oppervlaktewater.
  • Let ter plaatse op eventuele waarschuwingsborden.
  • Probeer zo min mogelijk water binnen te krijgen. Zwem niet in een algenlaag, in de buurt van zuiveringsinstallaties of veel boten, of in water waar ratten of dode vogels zijn.
  • Wanneer u na het zwemmen gezondheidsklachten ondervindt, ga dan naar uw huisarts voor behandeling en meldt de klachten tevens bij de GGD.

Terug naar boven. 

Blauwwieren of blauwalgen

Blauwalgen zweven als groene sliertjes of slijmerige proppen in het water. Bij warm weer vormen ze een opvallend laagje op het water dat vaak verschillende tinten groen heeft: helder groen, donker groen, blauwgroen en soms roodbruin of zelfs helder blauw. De kleuren doen soms denken aan verf. De drijflaag heeft een onaangename geur. Bederf veroorzaakt de stank. De wind blaast een drijflaag vaak naar één kant van het water en soms in schuimige plakken of in een korst naar de oever.

Zijn blauwalgen gevaarlijk voor de gezondheid?
Wie in water met veel blauwalgen zwemt, krijgt een slijmerige, groene laag op de huid en in de zwemkleding. Dit leidt bij de meeste mensen niet tot klachten.
Soms maken blauwalgen giftige stoffen. Sommige van die gifstoffen komen pas vrij bij het afsterven van de blauwalgen.
Er zijn verschillende soorten blauwalgen. Elke soort kan zijn eigen gifstoffen maken, die schadelijk kunnen zijn voor mens en dier.

Ziekteverschijnselen
Van de door blauwalgen geproduceerde gifstoffen zijn de volgende gezondheidsklachten bekend: huiduitslag, irritatie van de ogen, neus, keel en oren, misselijkheid, maagkrampen, braken, diarree, koorts, hoofdpijn, duizeligheid, trillerigheid, tranenvloed en speekselvloed. Daarnaast kunnen levercellen beschadigd raken.
Ook huisdieren kunnen ernstig ziek raken door het drinken van water met blauwalgen of door erin te zwemmen en daarna de vacht schoon te likken.

Maatregelen om ziekteverschijnselen te voorkomen
Het is niet verstandig (en meestal ook niet aantrekkelijk) om te zwemmen in water met veel blauwalgen of een drijflaag. Wanneer u toch gezwommen hebt in water met blauwalgen is het verstandig om na het zwemmen zo snel mogelijk te douchen en schone (bad)kleding aan te trekken.

Huisarts
Indien na het zwemmen in oppervlaktewater (met blauwalgen) gezondheidsklachten optreden, is het raadzaam om contact met de huisarts op te nemen.

Terug naar boven. 

Zwemmersjeuk

Zwemmersjeuk of Cercariëndermatitis is een uitslag van de huid veroorzaakt door larfjes van een parasitair levende platworm (Schistosoma). Deze larfjes zijn met het blote oog net niet te zien en zijn afkomstig van een zoetwaterslak. Een larfje dat doordringt in de huid van een mens, sterft daar en veroorzaakt een soort muggenbult. Het binnendringen in de huid is nauwelijks voelbaar, behalve als het om grote aantallen tegelijk gaat. Dan kan een tintelend gevoel ontstaan. Na verloop van tijd wordt huiduitslag zichtbaar en treedt ook jeuk op. De huiduitslag verdwijnt na een paar dagen vanzelf.
De aandoening is hinderlijk maar niet gevaarlijk. Wie veel last heeft van zwemmersjeuk, kan aan de huisarts een jeukstillend middel vragen. Als u geen zwemmersjeuk wilt oplopen, moet u niet gaan zwemmen in oppervlaktewater waarvan bekend is dat de zoetwaterslakken en hun platwormen voorkomen. Wie daar toch afkoeling wil zoeken, kan het aantal bultjes beperken door minder dan tien minuten in het water te blijven en zich meteen daarna stevig af te drogen. De larfjes die dan nog niet in de huid zitten worden weg gewreven. Douchen helpt niet.

Terug naar boven. 

(Kruis)kwallen

Kwallen kunnen het zwemplezier danig vergallen, niet alleen aan zee maar ook in de Zeeuwse binnenwateren. In warme zomers worden vooral in het Goese Meer geregeld kruiskwallen gesignaleerd.
Bij aanraking door een (kruis)kwal ontstaat jeuk, prikkeling en een rode huid. De ernst van de klachten hangt samen met de mate van blootstelling aan het kwallengif, maar ook met de specifieke kwallensoort. Overgevoelige mensen kunnen heftige allergische klachten krijgen.

Klachten na een kwallenbeet
Het prikkende of stekende gevoel dat optreedt na contact van de kwal met de huid wordt veroorzaakt een gif. Er ontstaat dan een rode, gezwollen plek op de huid, met jeuk- of pijnklachten. De jeuk kan zeker 24 uur aanhouden. In zeldzame gevallen kan iemand als gevolg van een allergische reactie na een kwallenbeet acuut ernstig ziek worden (anafylactische shock).

Kwallenbeten voorkomen
Ga niet zwemmen als er kwallen zijn gesignaleerd. Vooral bij oostenwind worden in de kustwateren van Nederland grote aantallen kwallen aangetroffen. Raak aangespoelde kwallen niet aan! De in de tentakels aanwezige netelcellen kunnen nog actief zijn.
Zo nodig worden waarschuwingsborden geplaatst op plekken waar zich veel kwallen voordoen.

Behandeling van een kwallenbeet

  • Verlaat na een kwallenbeet direct het water!
  • Raak de aangedane plek niet aan. Eventueel op de huid achtergebleven neteldeeltjes kunnen nog steeds gif afscheiden. Dus niet wrijven of krabben!
  • Spoel niet na met water, ook dit activeert de netelcellen.
  • Leg een kompres aan van koud water met gewone (geen schoonmaak) azijn. Dit geeft verlichting van de klachten.
  • Achtergebleven netelcellen kunnen met behulp van een pleister uit de huid worden getrokken. Resten van tentakels kunt u het beste verwijderen met een pincet.
  • Gebruik zo nodig een verkoelende, jeukstillende crème of poeder met menthol. Toepassing van Azaron® wordt afgeraden in verband met mogelijke overgevoeligheidsreacties!
  • Raadpleeg bij hevige jeuk of zwelling uw huisarts. Deze kan zo nodig antihistaminica of corticosteroïden voorschrijven.

Roep bij acute, ernstige allergische reacties zo spoedig mogelijk medische hulp in: bel 112!

Terug naar boven. 

Botulisme

Botulisme is een ernstige ziekte die veroorzaakt wordt door een bacterie. Bij mensen is botulisme heel zeldzaam. Bij dieren (vooral vissen en watervogels) komt botulisme in warme zomers vaak voor.
Botulisme bij mensen wordt meestal veroorzaakt door het eten van besmet voedsel dat niet onder hygiënische omstandigheden is geconserveerd. Mensen kunnen wel botulisme oplopen vanuit oppervlaktewater en na contact met dode (water)dieren, maar dat gebeurt heel zelden.

Waar en hoe kun je het oplopen?
De bacterie komt voor in de grond en soms in water. Mensen kunnen besmet raken wanneer de bacterie via besmette grond, besmet water of contact met een dood (water)dier in een huidwondje terechtkomt.

Ziekteverschijnselen
De ziekte begint met misselijkheid, overgeven, vermoeidheid, duizeligheid, algehele zwakte, een droge mond en buikklachten. Vervolgens kunnen verschijnselen optreden zoals dubbelzien, wazig zien, slecht verdragen van licht, moeite met spreken en het slap worden van de arm- en beenspieren. Er is geen koorts.

Duur tot verschijnselen
Bij botulisme ontstaan de verschijnselen vier tot veertien dagen na de besmetting.

Immuniteit
Er ontstaat geen immuniteit tegen botulisme. Mensen kunnen de ziekte meerdere malen oplopen.

Welke mensen lopen (extra) risico?
De ziekte komt in Nederland zelden voor. Zelfs beroeps- en sportvissers en mensen die vaak in natuurwater zwemmen of surfen lopen maar een kleine kans op besmetting.

Besmettelijkheid voor anderen
Mensen kunnen elkaar niet besmetten.

Maatregelen om ziekte te voorkomen
Inenting tegen botulisme is niet mogelijk en er bestaan ook geen medicijnen om de ziekte te voorkomen.
Vermijd het zwemmen, surfen en vissen in water waarin dode dieren liggen. Ook al wordt botulisme bij dieren door een ander type bacterie veroorzaakt dan bij mensen, het contact met deze dieren kan toch schadelijk zijn. Raak daarom geen dode dieren met blote handen aan.

Huisarts
Raadpleeg de huisarts zo snel mogelijk als u bovenstaande klachten constateert en risico hebt gelopen op botulisme. Bloed en ontlasting worden vervolgens onderzocht om de ziekte vast te stellen. Indien botulisme wordt vastgesteld, is de arts verplicht dit te melden aan de GGD.

Terug naar boven.