Menu

Veelgestelde vragen

    Verwijsindex risicokinderen Zeeland

  1. Wat is de VerwijsIndex Risicokinderen Zeeland (VIRZ) en hoe werkt het?

    De verwijsindex risicokinderen is een digitaal systeem dat risicosignalen van hulpverleners over jongeren tot 23 jaar bij elkaar brengt. Door de melding in de verwijsindex, weten hulpverleners sneller of een kind ook bekend is bij een collega. Dankzij de verwijsindex blijft elke jongere in beeld en kunnen hulpverleners elkaar informeren en hun activiteiten op elkaar afstemmen.  

  2. Waarom is er een VIRZ?

    Wanneer een jongere  problemen heeft, kan het gebeuren dat meerdere organisaties tegelijkertijd betrokken zijn bij de hulp aan deze jongere. Het is belangrijk dat organisaties dit van elkaar weten. In de praktijk was dat helaas niet altijd het geval. Daarom is de verwijsindex ontwikkeld. De verwijsindex zorgt ervoor dat de betrokken hulpverleners zo vroeg mogelijk met elkaar in contact komen en de hulp op elkaar afstemmen.

  3. Welke organisaties zijn bij de VIRZ betrokken?

    Op dit moment zijn bij de Verwijsindex Zeeland de volgende organisaties betrokken: Bureau Jeugdzorg, Juvent Jeugd & Opvoedhulp Zeeland, GGD Zeeland, St. Algemeen Maatschappelijk Werk, Emergis, MEE Zeeland, Agathos Thuiszorg, Eleos, St. de Vluchtheuvel, Zorgsaam, Centrum voor Jeugd en Gezin in de 13 Zeeuwse gemeenten, leerplichtambtenaren en RMC-trajectbegeleiders en de Raad voor de Kinderbescherming.

    In de toekomst kunnen zich nog andere instellingen aansluiten zoals bijvoorbeeld scholen, politie, peuterspeelzalen etc.

  4. Wanneer wordt een kind aangemeld in de VIRZ?

    Wanneer een professional zich zorgen maakt over een kind wordt dit met de ouders en of de jongere besproken. Wanneer die zorg blijft, wordt een melding in de verwijsindex gedaan.

  5. Wat voor informatie staat er in de VIRZ?

    In de verwijsindex staat alleen dat er een melding is gedaan. De aard van de melding wordt niet bijgehouden. Die informatie blijft in het dossier van de desbetreffende hulpverlener. Een melding omvat daarom alleen: identificatiegegevens van de jongere, identificatiegegevens van de desbetreffende hulpverlener, datum van de melding en contactgegevens van de meldende organisatie.

  6. Welke informatie staat er NIET in de VIRZ?

    De VIRZ is enkel een risicosignaleringssysteem dat bij meerdere meldingen rondom
    één kind een signaal geeft zodat hulpverleners onderling goede afspraken over de
    hulpverlening aan het kind kunnen maken. Het systeem geeft aan dat
    meerdere partijen zich zorgen maken over een kind, niet waarom. Het is dus géén
    zoekmachine, registratiesysteem of dossier. De specifieke informatie
    ('wat-informatie') staat niet in de VIRZ, maar in het dossier van de betreffende
    instantie.

  7. Wordt een melding rondom een kind in de VIRZ met de ouders besproken?

    Medewerkers van de instanties die bij de VIRZ zijn aangesloten, hebben een meldrecht en een informatieplicht. Een meldrecht betekent dat de medewerkers, op basis van gegronde redenen, het recht hebben om een melding te maken rondom een kind in de VIRZ. De informatieplicht houdt in dat de ouders geïnformeerd worden - mondeling of schriftelijk- over de melding. Als het kind jonger is dan 16 jaar worden de ouders geïnformeerd, als een kind ouder is dan 16 jaar wordt de jongere zelf geïnformeerd. Bij kinderen tussen de 12 en 16 jaar worden zowel de jongere als de ouders samen geïnformeerd over een melding in de VIRZ. Het informeren over de melding in de VIRZ kan per brief maar ook in een gesprek. Op de informatieplicht is één uitzondering. Als er een bedreigende situatie ontstaat voor de jongere en/of hulpverlener en/of waarbij de veiligheid op het spel staat, mag van de informatieplicht worden afgeweken.

  8. Wat gebeurt er nadat er een melding in de VIRZ is gedaan?

    Zijn er 2 of meer meldingen bij een jongeren, dan is er sprake van een “match”. De betrokken hulpverleners krijgen per mail een signaal dat er een melding voor ze klaarstaat in de Verwijsindex. In de melding staat alleen door wie en over welke jongere een melding is gedaan. Zo kunnen betrokkenen eenvoudig contact met elkaar opnemen zodat zij de hulp en begeleiding voor het kind met elkaar kunnen afstemmen. Uiteraard worden ouders en of de jongere zelf daarbij betrokken.

    Voor het uitwisselen van informatie over de jeugdige tussen de betreffende hulpverleners is toestemming nodig. Een jongere boven de 18 moet zelf toestemming geven, bij een jongere onder de 18 jaar moet de toestemming van de ouder(s) komen.  

  9. Hoe zit het met de privacy en de VIRZ?

    Zodra een jeugdige in de VIRZ is opgenomen, is er sprake van verwerking van persoonsgegevens. Hierbij is de privacywetgeving van toepassing, waaronder de Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP). De persoonsgegevens mogen alleen worden verwerkt voor welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden.

  10. Hoe lang blijft een melding in de VIRZ bewaard?

    Een melding blijft maximaal twee jaar in de verwijsindex bestaan. Na het verlopen van deze periode wordt de melding vastgelegd in een archief. Daarin wordt de melding nog vijf jaar bewaard. Vervolgens verdwijnt de melding automatisch uit het systeem.

  11. Als u het niet eens bent met een melding in de VIRZ.

    U heeft het recht om te verzoeken de melding uit de VIRZ te verwijderen. Als de hulpverlener uw verzoek niet inwilligt, dan kunt u bezwaar aantekenen bij het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente waar de jeugdige woont.

  12. Laat meer zien van: Verwijsindex risicokinderen Zeeland